Schuldenwijzer is een platform dat mensen met schulden een eenvoudig, beveiligd en online inzicht geeft van de eigen schulden en daarbij horende informatie.
Juridisch nieuws
KG deurwaarderskortgeding en vordering tegen deurwaarder in verband met een bewijsbeslag. De voorzieningenrechter oordeelt dat de door de deurwaarder geselecteerde bestanden aan de beslaglegger moeten worden afgegeven.
Kort geding. Vorderingen in conventie tot ontruiming en betaling huurachterstand toegewezen. Vorderingen in reconventie die zijn gebaseerd op vermeende gebreken aan de woning zijn afgewezen. Gedaagde is veroordeeld in de proceskosten.
Kort geding. Opheffing beslag. Gedeeltelijke toewijzing. Gevolg vernietiging verstekvonnis. Verschil tussen opheffing van conservatoire beslagen en executoriale beslagen. De enkele afwijzing van de vordering tot zekerheid waarvan conservatoire beslagen zijn gelegd impliceert niet dat die beslagen moeten worden opgeheven. Het vonnis is immers nog niet in kracht van gewijsde gegaan. Een belangenafweging brengt de voorzieningenrechter niet tot een ander oordeel. De grondslag voor de executoriale maatregelen moet echter door de vernietiging van het verstekvonnis geacht worden nooit te hebben bestaan. Het handhaven van de beslagen in weerwil van de vernietiging van het verstekvonnis is daarmee op zichzelf ook onrechtmatig. Op dit punt ziet de voorzieningenrechter – in het kader van de belangenafweging – aanleiding om onderscheid te maken tussen de executoriale beslagen op onroerende zaken van eiser en de executoriale derdenbeslagen. De executoriale beslagen op de onroerende zaken van eiser blijven in stand. De derdenbeslagen worden opgeheven.
Kort geding. Deurwaardersrenvooi. Deurwaarder moet executie staken. Gedaagde heeft voldoende aannemelijk gemaakt alles te hebben gedaan om te voldoen aan kort geding vonnis. Eiser heeft niet inzichtelijk gemaakt wat gedaagde nog meer of anders had kunnen doen.
Huurzaak. Achterstand. Ontbinding en ontruiming. Afweging omstandigheden: [huurder] heeft in deze procedure niet onderbouwd dat de door hem ervaren problemen met de elektriciteit het gevolg zijn van een gebrek in het gehuurde waarvoor Wonen Limburg verantwoordelijk is; [huurder] heeft onvoldoende concreet gemaakt dat de klachten over de leefbaarheid in en rondom het complex waar hij woont kwalificeren als gebreken waarvoor Wonen Limburg verantwoordelijk is en al helemaal niet dat die een opschorting van 5,5 maand huur rechtvaardigen; dat [huurder] kampt met psychische problematiek staat niet in de weg aan ontbinding van de huurovereenkomst. Dit is immers een omstandigheid die buiten de risicosfeer van Wonen Limburg ligt.
Verzet na verstek - bijzondere overeenkomst - huurrecht - woonruimte - ontbinding en ontruiming wegens huurachterstand. De kantonrechter is van oordeel dat van een acute noodsituatie voor het minderjarige kind van [huurder] bij ontruiming van het gehuurde geen sprake is. [huurder] was al vanaf mei 2025 via de gemeente Meerssen en de GGD dat er een uithuiszetting dreigde wegens een forse huurachterstand. Van [huurder] mocht worden verwacht dat hij zich tot het uiterste inspant om alternatieve woonruimte te vinden. Gelet op de tijd die [huurder] daarvoor tot nu toe heeft gehad én vooralsnog heeft, kan niet worden volgehouden dat de situatie die ontstaat bij de aanzegging van de ontruiming is aan te merken als een acute noodtoestand. Verder is niet gesteld of gebleken dat het kind geen netwerk heeft waarop hij, na ontruiming uit de woning, zal kunnen terugvallen of dat het kind (tijdelijk) kan worden opgevangen door de moeder zodat hij niet op straat komt te staan.
Gedwongen onruiming wordt passend en geboden bevonden. Dat de overlastklachten reëel zijn en omwonenden vanwege gevoelens van angst overwegen te verhuizen althans hun woning tijdelijk te verlaten – of dat al gedaan hebben – acht de voorzieningenrechter aannemelijk. Het overgelegde (leefbaarheids)dossier geeft daar voldoende blijk van.
Het enkele feit dat de last onder dwangsom (zowel als het invorderingsbesluit, de aanmaning en het - door de deurwaarder openbaar betekende - dwangbevel) niet aan het BRP adres van eiser is (zijn) geadresseerd, leidt niet tot het voorlopig oordeel dat sprake is van een kennelijke misslag waardoor de gemeente misbruik van haar executiebevoegdheid maakt.
Dwangakkoord toegewezen. Saneringskrediet. Voldoende aannemelijk is geworden dat verzoeker in de komende jaren geen inkomen zal kunnen verwerven dat hoger is dan zijn huidige inkomen.