Schuldenwijzer is een platform dat mensen met schulden een eenvoudig, beveiligd en online inzicht geeft van de eigen schulden en daarbij horende informatie.
Juridisch nieuws
De verhuurder van een sociale huurwoning vordert ontbinding van de huurovereenkomst en betaling van zeven maanden achterstallige huur. De kantonrechter wijst de vordering tot betaling van de huurachterstand toe. Deze huurachterstand rechtvaardigt voorts de ontbinding van de huurovereenkomst. Ook de vorderingen tot ontbinding van de huurovereenkomst en ontruiming van het gehuurde worden daarom toegewezen.
Ambtshalve toetsing. Verstek. Tussenvonnis. Gelegenheid eisende partij toe te lichten op welke wijze zij heeft voldaan aan precontractuele informatieplichten. Incassokosten- en administratiekostenbedingen getoetst en vooralsnog oneerlijk bevonden. Rentebeding niet oneerlijk. Gelegenheid eisende partij om zich hierover uit te laten.
Vonnis in incidenten. Aanhouding ex artikel 30 Brussel I bis-Vo en vrijwaring ex artikel 210 lid 1 Rv. Het verzoek om aanhouding wordt afgewezen en de vordering tot vrijwaring wordt toegewezen. Datum waarop de procedure aanhangig is gemaakt ex artikel 32 Brussel I bis-Vo.
Kort geding. Bewijsbeslag. Vordering in conventie tot afgifte van stukken ex artikel 197 Rv afgewezen vanwege het ontbreken van een spoedeisend belang. Vordering in reconventie tot opheffing van het bewijsbeslag afgewezen: ingeroepen recht niet summierlijk ondeugdelijk. Door het bewijsbeslag wordt gewaarborgd dat de beslagen gegevens voorhanden blijven, totdat op een door de beslaglegger in te stellen inzagevordering (in een bodemprocedure) is beslist. De vordering in reconventie tot schorsing van het concurrentie- en relatiebeding wordt ook afgewezen. Om te kunnen beoordelen of het concurrentie- en relatiebeding vernietigbaar is, is bewijslevering nodig, waarvoor deze procedure zich niet leent. Belangenafweging noopt niet tot schorsing of vergoeding.
Ambtshalve toetsing. Verstek. Eindvonnis na akte. Incassokostenbeding wordt ambtshalve vernietigd vanwege oneerlijkheid. Rentebeding getoetst en niet oneerlijk bevonden.
Afwijzing verzoek bewindvoerder om nog twaalf maanden nadat betrokkene schuldenvrij is, aanspraak te mogen te maken op de beloning conform artikel 3 lid 2 sub b Regeling (de beloning voor problematische schulden), waarbij verzoeker verwijst naar een uitspraak van de Rechtbank Zeeland-West-Brabant (ECLI:NL:RBZWB:2025:1085). Verzoeker acht een beloning conform artikel 3 lid 2 sub b Regeling van twaalf maanden passend, omdat het MSNP traject eerder is geëindigd dan de looptijd van 18 maanden, zoals die per 1 juli 2023 geldt.
Op basis van het voornoemde is de kantonrechter van oordeel dat de beloning conform artikel 3 lid 2 sub b Regeling alleen van toepassing is zolang er sprake is van problematische schulden. Dat bij de (recente) ontwikkelingen rondom verkorte schuldsaneringsregelingen en nul-aanbiedingen in de Regeling en de Aanbevelingen meerderjarigenbewind geen rekening is gehouden met de gevolgen hiervan voor de beloning van uitvoerders, is naar het oordeel van de kantonrechter geen reden om af te wijken van de huidige wet- en regelgeving rondom de beloning voor uitvoerders. Naar het oordeel van de kantonrechter is het niet aan de kantonrechter, maar aan de wetgever om de wet- en/of regelgeving rondom de beloning voor de uitvoerders te wijzigen.
Huur. Verstek. Ambtshalve toetsing. Huurprijswijzigingsbeding. Opslagbeding van CPI + maximaal 5% is oneerlijk en het opslagdeel wordt vernietigd. Gevorderde huurachterstand deels niet toewijsbaar, voorzover het de opslag boven de CPI betreft. Ontbinding en ontruiming zijn wel toewijsbaar gezien de hoogte van de resterende huurachterstand. Verder oneerlijk rentebeding en BIK-beding. Afwijzing gevorderde rente en incassokosten.
Curaçao. Executie-kort geding. Notariële akten. Executoriale kracht. Maatstaf schorsing tenuitvoerlegging.
Het is niet vast komen te staan dat eiser heeft voldaan aan het eerder tegen hem gewezen vonnis. Gedaagde heeft meegewerkt aan opheffing van het executoriaal beslag met als gevolg dat de woning geleverd kon worden. In deze omstandigheden kan niet worden geconcludeerd dat gedaagde met het executoriaal beslag op de woning onrechtmatig jegens eiser heeft gehandeld. Vordering in conventie afgewezen. Eiser heeft niet aan zijn stelplicht voldaan zodat aan het leveren van bewijs niet wordt toegekomen. Bedrag in depot bij notaris grotendeels naar gedaagde.