Ondernemerschap in de praktijk van het ambt
door Michael Swier
Binnen het bestuur houd ik me bezig met financiën en ondernemerschap. In de praktijk gaat het daarbij om heel concrete vragen. Kunnen kantoren blijven functioneren zoals bedoeld? Is er ruimte om te investeren in mensen en kwaliteit? En sluiten regels nog aan bij de manier waarop het werk dagelijks wordt uitgevoerd?
Ik bekijk deze portefeuille vanuit twee posities. Als bestuurslid, maar ook als gerechtsdeurwaarder die zelf een kantoor runt. Die ervaring helpt om bestuurlijke keuzes te beoordelen op wat ze betekenen voor medewerkers, voor de organisatie van het werk en voor de continuïteit van een kantoor.
Duidelijkheid in een gevoelig dossier
Een onderwerp dat de afgelopen periode veel aandacht vroeg, is het zogeheten Kadasterarrest. Dat is een uitspraak van de Hoge Raad over de vraag van wie geld is dat via een kwaliteitsrekening loopt. Zo’n rekening wordt gebruikt om tijdelijk geld te beheren dat niet van het kantoor zelf is.
Na een lange periode van overleg met het BFT heeft het bestuur eind 2025 een handreiking opgesteld voor de beroepsgroep. Dit is een praktisch en richtinggevend overzicht. Daarmee wilden we collega’s duidelijk maken hoe zij met deze uitspraak kunnen omgaan in hun dagelijkse werk. Dat had ook gevolgen voor de manier waarop verslagstaten worden opgesteld: de financiële overzichten die kantoren gebruiken om verantwoording af te leggen.
Binnen de ledenraad is hierover uitgebreid gesproken. Het ging daarbij onder meer over verantwoordelijkheid, toezicht en de omgang met geld dat via kwaliteitsrekeningen loopt. Dat zijn onderwerpen die direct invloed hebben op de dagelijkse praktijk van kantoren.
Recent heeft de Hoge Raad opnieuw uitspraak gedaan. Daarbij is bevestigd dat de lijn uit het Kadasterarrest ook geldt voor gerechtsdeurwaarders. Daarmee is nu duidelijk aan wie het geld op de kwaliteitsrekening toebehoort.
De aandacht verschuift daarmee naar de uitvoering. Collega’s moeten weten waar zij aan toe zijn en hoe zij dit in hun eigen praktijk kunnen toepassen. De rol van de KBvG is om daarbij duidelijkheid en ondersteuning te bieden, zodat kantoren hun werk goed kunnen blijven organiseren.
Over stoppen en continuïteit
Een minder zichtbaar, maar belangrijk onderwerp is het beëindigen van een gerechtsdeurwaarderskantoor. Dat kan verschillende redenen hebben, zoals pensionering, schaalverandering of een bewuste keuze voor een andere inrichting van het werk. De afgelopen maanden is het bureau van de KBvG meerdere keren benaderd door collega’s met vragen hierover.
Wanneer iemand besluit te stoppen, komt er veel op hem of haar af. Medewerkers, opdrachtgevers en lopende dossiers vragen allemaal aandacht. Daarom werken we aan een praktische checklist met aandachtspunten voor het sluiten van een kantoor. Een overzicht dat helpt om dit proces zorgvuldig en overzichtelijk te laten verlopen. We verwachten deze checklist dit kwartaal beschikbaar te stellen.
Vooruitkijken
Financieel gezonde kantoren maken het mogelijk om het ambt goed te blijven uitoefenen. Ze bieden ruimte om te investeren in vakmanschap, in mensen en in een verantwoorde uitvoering van het werk. Goed ondernemerschap is daarmee een voorwaarde voor de kwaliteit van het ambt.
Daar zet ik mij als bestuurslid voor in. Door signalen uit de praktijk serieus te nemen, door beleid begrijpelijk en uitvoerbaar te houden en door keuzes te maken die ook op de langere termijn standhouden. Wat er op kantoren gebeurt, blijft daarbij steeds het vertrekpunt.