Een botsing in de supermarkt
Die grens is in de praktijk soms minder scherp dan op papier. Ik merk in het dagelijks leven dat irritatie snel wordt uitgesproken. Laatst stond ik in de supermarkt en deed ik een stap naar achteren. Daarbij botste ik per ongeluk tegen de winkelwagen van iemand anders. Meteen kreeg ik een boze blik en de vraag of ik niet beter uit mijn doppen kon kijken.
Het stelde eigenlijk weinig voor, maar ik moest er later nog even aan denken. Misschien omdat het iets zegt over de manier waarop we soms met elkaar omgaan. De ruimte voor een fout, een misverstand of een vervelende boodschap lijkt niet altijd groot. Voor gerechtsdeurwaarders komt daar iets bij. Wij komen vaak op een moment waarop spanning er al is.
Wij komen soms op een moeilijk moment
Als een gerechtsdeurwaarder voor de deur staat, is daar meestal een vervelende aanleiding voor. Het kan gaan om een dagvaarding vanwege een onbetaalde rekening, de aankondiging van een beslag of een verzoekschrift in een echtscheidingszaak dat onverwacht wordt betekend.
Dat kan boosheid, verdriet, schaamte of onzekerheid oproepen. Wie aan de deur staat, krijgt die emoties vaak als eerste te zien en moet daar professioneel mee omgaan. Dat betekent luisteren, uitleg geven, rust bewaren en bekijken wat er binnen de regels mogelijk is.
Dat hoort bij het vak. Emoties horen daar ook bij. Maar zodra iemand wordt bedreigd, geïntimideerd of fysiek wordt aangevallen, is er een grens bereikt.
Wat een incident achterlaat
Wat mij vooral opvalt in het onderzoek, zijn de gevolgen die agressie heeft voor collega’s. Collega’s worden alerter, nemen extra voorzorgsmaatregelen of gaan anders een situatie in. Bij sommigen heeft een incident gevolgen voor het plezier waarmee zij hun werk doen.
Professioneel handelen betekent niet dat bedreigingen of geweld je niets doen. Zeker niet wanneer een bedreiging persoonlijk wordt of wanneer je je aan de deur of op straat daadwerkelijk onveilig voelt. Daarom besteden we al langer aandacht aan weerbaarheid. Mario ondersteunt collega’s na incidenten, verzorgt trainingen en helpt bijvoorbeeld bij het doen van aangifte. Ook kijken we samen met politie en ministerie hoe de drempel om melding of aangifte te doen verder omlaag kan.
Het lage percentage aangiften uit het onderzoek is voor mij dan ook geen reden om te concluderen dat incidenten kennelijk wel meevallen. Het laat vooral zien dat we moeten blijven kijken naar wat collega’s nodig hebben om die stap wél te zetten.
Veilig werken hoort erbij
Gerechtsdeurwaarders voeren een wettelijke taak uit. We brengen officiële stukken uit, leggen beslag en zorgen ervoor dat rechterlijke uitspraken worden uitgevoerd. Dat werk kan veel betekenen voor de mensen die ermee te maken krijgen. Daarom moeten we zorgvuldig en onafhankelijk handelen, met oog voor hun situatie. Daar staat tegenover dat gerechtsdeurwaarders hun werk veilig moeten kunnen doen, net zoals dat geldt voor andere professionals met een publieke taak.
Dat is voor mij de kern van dit onderzoek. Het gaat niet alleen om hoeveel incidenten er zijn, maar ook om de vraag welke grens we met elkaar trekken en hoe we ervoor zorgen dat agressie nooit als een normaal onderdeel van het werk wordt gezien.
Straks de studio in
Zo direct stap ik de studio in. De reportage heb ik al mogen zien en ik vind dat Carlo en Mario op een goede manier laten zien wat er in de praktijk speelt. Daar ben ik hen dankbaar voor, omdat cijfers veel vertellen, maar nooit helemaal laten zien wat het betekent wanneer je aan de deur wordt bedreigd en daarna gewoon weer door moet naar het volgende adres.
Dat werk gaat morgen weer verder, op straat, aan de telefoon en bij mensen thuis. Met ruimte voor uitleg en emotie, en met een duidelijke grens wanneer die emotie omslaat in agressie.